Economie - Moderne talen

ASO
derde graad
eerste jaar
tweede jaar

Het Algemeen Secundair Onderwijs (ASO) heeft een uitgesproken doorstromingsfunctie. Dit wil zeggen dat de richting Economie - Moderne talen je enkel en alleen wil voorbereiden op verder studeren in het hoger onderwijs.

vakken
lesuren
Levensbeschouwing
2
Aardrijkskunde
1
Engels
3
Frans
4
Geschiedenis
2
Lichamelijke opvoeding
2
Natuurwetenschappen
2
Nederlands
4
Wiskunde
3
Economie
4
Spaans of Duits
2
Modules
3
Totale uren
32
Economie - Moderne talen

Deze studierichting bestaat uit twee componenten: economie en moderne talen. Deze geven de klemtonen van de studierichting aan. De combinatie van deze twee vakdomeinen zorgen voor ruime keuzemogelijkheden in het hoger onderwijs. Enkel de richtingen met veel wiskunde en/of wetenschappen in het hoger onderwijs zullen op die manier uitgesloten worden.
De algemene economie of sociale economie krijgt de meeste aandacht. Ze bestudeert de menselijke relaties in een land en tussen de landen in de wereld onderling. Het deelvak bedrijfswetenschappen behandelt de problemen en relaties die kaderen in het bedrijfsbeleid: productie, kostenbeheersing, boekhouding en bedrijfsbeheer, internationale handel en personeelsbeleid. De boekhouding is een ondersteunend onderdeel.
In het vak recht maken de leerlingen kennis met de juridische wetmatigheden waarbinnen de samenleving functioneert: het burgerlijk recht met de nadruk op de relaties binnen de familie en met andere burgers, begrippen uit het sociaal en fiscaal recht met relaties tot de overheid.
In deze richting neemt de studie van de moderne talen ook een belangrijke plaats in. De aandacht gaat naar het ontwikkelen van communicatieve vaardigheden (luisteren, lezen, spreken en schrijven), de reflectie op taal en de kennismaking met anderstalige literatuur. Accenten liggen op het ontwikkelen van:

  • communicatieve en creatieve competenties in het Nederlands en moderne vreemde talen (bv. leesstrategieën toepassen en literaire smaak ontwikkelen);
  • competentie op vlak van taalbeschouwing (analyseren van en reflectie over taalstructuren, communicatie en taalfenomenen);
  • interculturele competenties (literair, filosofisch en historisch bestuderen van culturele achtergronden, culturele diversiteit onderkennen en respecteren).
Eerste graad

In de brede eerste graad krijg je een algemene vorming en proef je in het eerste jaar al van enkele modules. Op basis van je talenten en competenties kies je in het tweede jaar voor een bepaalde optie.

Tweede graad

Je kiest vervolgens voor een richting die bij jou past in het algemeen, technisch of beroepssecundair onderwijs. In ASO en TSO kies je zelf welke modules je volgt. In BSO werk je aan uitdagende projecten.

Derde graad

Als jongvolwassene bereiden we je voor op de toekomst via theorie en praktijk. In ASO en TSO selecteer je ook opnieuw zelf je modules. BSO-richtingen sluiten bij ons af met een specialisatiejaar.